Maassluis  |  Geplaatst op 6 april 2020

Column

Wat weet u over… de oude Binnenstad

Door: Ineke Vink (hoofdredacteur HVM)

Nu we noodgedwongen veel thuis zitten, bedacht de Historische Vereniging Maassluis (HVM) dat het misschien leuk is om wat meer over de geschiedenis van uw woonomgeving te lezen. De komende weken krijgt u historische wetenswaardigheden over verschillende wijken in Maassluis.

Hoogstraat
Rond de vlieten, de Markt en de sluizen ligt het oudste gedeelte van Maassluis. Vermoedelijk zijn omstreeks 1330 de eerste huizen gebouwd. De belangrijkste en oudste straat is de Hoogstraat, de dijkverbinding tussen de twee sluizen. De naam is logisch: het is het hoogste punt van Maassluis. Ook in Vlaardingen, Schiedam en Rotterdam vindt u een Hoogstraat. Die liggen allemaal op dezelfde dijk en allemaal in het oudste deel van de plaats. Honderd jaar geleden was de Hoogstraat een drukke winkelstraat waar ook de belangrijkste bestuursgebouwen lagen; het Raadhuis en het Delflandhuis.

Vis en nog eens vis
Vanaf de stichting van het dorp zijn de Maassluizers vissers geweest in hart en nieren. De havenkom lag altijd tjokvol met schepen. Langs de haven herinneren straatnamen aan de visserij, zoals de Haringkade, de Taanstraat en de Zure Vischsteeg. Aan de Taanstraat stond het Taanhuis en lag de Taanweide. Met taan, een stinkend goedje, werden visnetten geïmpregneerd zodat ze tegen de inwerking van zeewater beschermd waren. Op de hoek van de Zure Vischsteeg en de Haven stond het haringpakhuis van Klinge en Poortman. Op de begane grond was de ruimte waar de ‘natte kuipers’ de ‘kantjes ophoogden’. De tonnen zoute haring vulden zij aan. Om het ‘vuil’ (pekel en haringresten) kwijt te raken waren in de begane grond zogenoemde ‘haringputten’. Deze putten hadden een ondergrondse afvoer naar de haven. Het stonk dan ook enorm aan de havenkade, een lucht die meestal terug woei de steeg in. Ook als de natte kuipers niet bezig waren stonk het.

Vreemde straatnamen
Aan de andere zijde van de dijk vinden we hele andere straatnamen. Zo werden op de Markt goederen verhandeld die over de Noordvliet en de Zuidvliet waren aangevoerd. Via de Wagenbrug en Wagenstraat kon je dan met je zwaarbeladen wagen over de Weddebrug (doorwaadbare plaats) op de dijk komen om hoog en droog verder te reizen.
De kleine verborgen steegjes rond de Markt hebben vreemdere namen. Zo kon je via de Koek en Boeksteeg op de Wip komen. En op de Noordvliet vinden we zijstraatjes zoals het Kalkslop (later Nieuwe Kerkstraat), het Begijnhof (had Maassluis ooit begijnen?) en de Wijde en Nauwe Koestraat (leidend naar een boerderij).
Waar komen die namen vandaan? De Historische Vereniging Maassluis weet er meer van, maar nog niet alles. De stadsgidsen kunnen veel vertellen, maar de vereniging kan altijd nieuwe en onderzoekende leden gebruiken.

Columns

Geplaatst op 30 september 2022

Pastorie van Fenacolius

Geplaatst op 2 september 2022

Terugblik op ‘Beatstad Maassluis’

Geplaatst op 1 augustus 2022

100 jaar wonen op ’t Stort

Columns archief...

Maassluis  |  Geplaatst op 6 april 2020

Column

Wat weet u over… de oude Binnenstad

Door: Ineke Vink (hoofdredacteur HVM)

Nu we noodgedwongen veel thuis zitten, bedacht de Historische Vereniging Maassluis (HVM) dat het misschien leuk is om wat meer over de geschiedenis van uw woonomgeving te lezen. De komende weken krijgt u historische wetenswaardigheden over verschillende wijken in Maassluis.

Hoogstraat
Rond de vlieten, de Markt en de sluizen ligt het oudste gedeelte van Maassluis. Vermoedelijk zijn omstreeks 1330 de eerste huizen gebouwd. De belangrijkste en oudste straat is de Hoogstraat, de dijkverbinding tussen de twee sluizen. De naam is logisch: het is het hoogste punt van Maassluis. Ook in Vlaardingen, Schiedam en Rotterdam vindt u een Hoogstraat. Die liggen allemaal op dezelfde dijk en allemaal in het oudste deel van de plaats. Honderd jaar geleden was de Hoogstraat een drukke winkelstraat waar ook de belangrijkste bestuursgebouwen lagen; het Raadhuis en het Delflandhuis.

Vis en nog eens vis
Vanaf de stichting van het dorp zijn de Maassluizers vissers geweest in hart en nieren. De havenkom lag altijd tjokvol met schepen. Langs de haven herinneren straatnamen aan de visserij, zoals de Haringkade, de Taanstraat en de Zure Vischsteeg. Aan de Taanstraat stond het Taanhuis en lag de Taanweide. Met taan, een stinkend goedje, werden visnetten geïmpregneerd zodat ze tegen de inwerking van zeewater beschermd waren. Op de hoek van de Zure Vischsteeg en de Haven stond het haringpakhuis van Klinge en Poortman. Op de begane grond was de ruimte waar de ‘natte kuipers’ de ‘kantjes ophoogden’. De tonnen zoute haring vulden zij aan. Om het ‘vuil’ (pekel en haringresten) kwijt te raken waren in de begane grond zogenoemde ‘haringputten’. Deze putten hadden een ondergrondse afvoer naar de haven. Het stonk dan ook enorm aan de havenkade, een lucht die meestal terug woei de steeg in. Ook als de natte kuipers niet bezig waren stonk het.

Vreemde straatnamen
Aan de andere zijde van de dijk vinden we hele andere straatnamen. Zo werden op de Markt goederen verhandeld die over de Noordvliet en de Zuidvliet waren aangevoerd. Via de Wagenbrug en Wagenstraat kon je dan met je zwaarbeladen wagen over de Weddebrug (doorwaadbare plaats) op de dijk komen om hoog en droog verder te reizen.
De kleine verborgen steegjes rond de Markt hebben vreemdere namen. Zo kon je via de Koek en Boeksteeg op de Wip komen. En op de Noordvliet vinden we zijstraatjes zoals het Kalkslop (later Nieuwe Kerkstraat), het Begijnhof (had Maassluis ooit begijnen?) en de Wijde en Nauwe Koestraat (leidend naar een boerderij).
Waar komen die namen vandaan? De Historische Vereniging Maassluis weet er meer van, maar nog niet alles. De stadsgidsen kunnen veel vertellen, maar de vereniging kan altijd nieuwe en onderzoekende leden gebruiken.