Maassluis  |  Geplaatst op 10 augustus 2018

Column

Geschiedenis Monstersche Sluis

Door: Ineke Vink

Op 1 september begint de Monstersche Sluis aan de derde fase van haar bestaan. In de eerste fase was het een spuisluis. Van 1889 tot 1972 was het een schutsluis. En nu wordt het een toeristische attractie. De Historische Vereniging Maassluis laat de geschiedenis van de sluis kort de revue passeren.

Een plaatsnaam zegt vaak iets over het ontstaan van een stad of een dorp. Waterrijk Nederland kent veel plaatsnamen die eindigen op ‘dam’, ‘sluis’ of ‘zijl’ (in Noord-Nederland gebruikt voor sluis). En waar je bij het gehucht Pieterzijl in Groningen nog moet uitleggen dat de daar in 1440 aangelegd sluis naar de heilige Petrus is vernoemd, heeft de naam Maassluis geen enkele uitleg nodig. Een sluis aan de Maas. Rond 1340 aangelegd als spuisluis om het overtollige water uit het achterland op de Maas te kunnen spuien. Maar de naam Maassluis stond toen nog niet in de boeken.

Aanvankelijk was er geen sprake van een echte sluis, maar een simpele doorlaat van de binnenwateren naar buiten. Spuien kon natuurlijk alleen als het water buiten de sluis lager was dan dat in de vlieten, anders stroomt het zilte water het land in en dat heeft negatieve gevolgen voor de boeren. Dus moesten er mensen de sluizen bedienen, de eerste sluiswachters.

Omdat het handig was altijd in de buurt te zijn, gingen zij in de directe omgeving wonen. Een nieuwe nederzetting was geboren. Omdat deze op het grondgebied van Maasland lag, kreeg die de naam Maaslandsluis, toen nog wat anders geschreven. Vissers vonden het ook een handige plek om te wonen, die vestigden zich er ook. In oude kronieken is al vroeg melding van een veerverbinding vanaf de sluis met Den Briel.

Terug naar de sluis. Het spuigat werd in 1607 omgebouwd tot een echte spuisluis, in opdracht van de ambachtsheer van Monster die toen in het Westland de touwtjes in handen had. Vandaar de naam Monstersche Sluis. In 1889 werd de sluis omgebouwd tot schutsluis. Dit was vooral om de tuinders van het Westland een vaarroute naar de haven te bieden. Toen zowel spuien als vrachtvaart niet meer gebeurde, sloot het hoogheemraadschap Delfland – dat het beheer had over de sluizen – in 1972 de verbinding af met een kleikist. Sindsdien bleven de sluisdeuren dicht.

Sinds kort is de kleikist weg, er zitten nieuwe deuren in de sluis en vanaf 1 september kunnen er weer schepen worden geschut. Veel lading zal er niet meer op de bootjes te vinden zijn. Hoogstens een koelbox van de recreanten voor wie de sluis nu is.

Columns

Geplaatst op 10 juli 2018

De kerkgang van Maarten ’t Hart

Geplaatst op 15 juni 2018

Een ommetje over de Zuidbuurt

Geplaatst op 11 mei 2018

150 jaar geleden: geen moederdag

Columns archief...

Maassluis  |  Geplaatst op 10 augustus 2018

Column

Geschiedenis Monstersche Sluis

Door: Ineke Vink

Op 1 september begint de Monstersche Sluis aan de derde fase van haar bestaan. In de eerste fase was het een spuisluis. Van 1889 tot 1972 was het een schutsluis. En nu wordt het een toeristische attractie. De Historische Vereniging Maassluis laat de geschiedenis van de sluis kort de revue passeren.

Een plaatsnaam zegt vaak iets over het ontstaan van een stad of een dorp. Waterrijk Nederland kent veel plaatsnamen die eindigen op ‘dam’, ‘sluis’ of ‘zijl’ (in Noord-Nederland gebruikt voor sluis). En waar je bij het gehucht Pieterzijl in Groningen nog moet uitleggen dat de daar in 1440 aangelegd sluis naar de heilige Petrus is vernoemd, heeft de naam Maassluis geen enkele uitleg nodig. Een sluis aan de Maas. Rond 1340 aangelegd als spuisluis om het overtollige water uit het achterland op de Maas te kunnen spuien. Maar de naam Maassluis stond toen nog niet in de boeken.

Aanvankelijk was er geen sprake van een echte sluis, maar een simpele doorlaat van de binnenwateren naar buiten. Spuien kon natuurlijk alleen als het water buiten de sluis lager was dan dat in de vlieten, anders stroomt het zilte water het land in en dat heeft negatieve gevolgen voor de boeren. Dus moesten er mensen de sluizen bedienen, de eerste sluiswachters.

Omdat het handig was altijd in de buurt te zijn, gingen zij in de directe omgeving wonen. Een nieuwe nederzetting was geboren. Omdat deze op het grondgebied van Maasland lag, kreeg die de naam Maaslandsluis, toen nog wat anders geschreven. Vissers vonden het ook een handige plek om te wonen, die vestigden zich er ook. In oude kronieken is al vroeg melding van een veerverbinding vanaf de sluis met Den Briel.

Terug naar de sluis. Het spuigat werd in 1607 omgebouwd tot een echte spuisluis, in opdracht van de ambachtsheer van Monster die toen in het Westland de touwtjes in handen had. Vandaar de naam Monstersche Sluis. In 1889 werd de sluis omgebouwd tot schutsluis. Dit was vooral om de tuinders van het Westland een vaarroute naar de haven te bieden. Toen zowel spuien als vrachtvaart niet meer gebeurde, sloot het hoogheemraadschap Delfland – dat het beheer had over de sluizen – in 1972 de verbinding af met een kleikist. Sindsdien bleven de sluisdeuren dicht.

Sinds kort is de kleikist weg, er zitten nieuwe deuren in de sluis en vanaf 1 september kunnen er weer schepen worden geschut. Veel lading zal er niet meer op de bootjes te vinden zijn. Hoogstens een koelbox van de recreanten voor wie de sluis nu is.