Maassluis  |  Geplaatst op 12 april 2019

Column

Atelierroute in 1947

Door: Ineke Vink

Zaterdag en zondag kunnen tijdens de Kunstroute Maassluise kunstenaars en gastkunstenaars de resultaten van hun inspiratie en creativiteit laten zien. Dat doen ze in ateliers, winkels, horecagelegenheden en een aantal bijzondere locaties. Verder is er tot eind juni in Museum Maassluis een tentoonstelling van werk van Maassluise kunstenaars van nu, en van lokale kunstenaars die daar al eerder exposeerden.

Tegenwoordig zijn er dus voldoende expositie-mogelijkheden, maar dat was in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog anders. Sinds 1933 kende Maassluis een Oudheidskamer in het oude stadhuis aan de Hoogstraat waarin nu het Nationaal Sleepvaartmuseum is gevestigd. Maar daar hadden ze in die tijd geen interesse in beeldende kunst.

Daarom regelden in 1947 de kunstenaars Henk Fortuin, Jan Ouwenbroek en Maaslander Dirk Huisman zelf dat zij hun schilderijen en tekeningen mochten ophangen in de gymnastiekzaal van de Minister de Visserschool aan de Fenacoliuslaan.

Dat haalde de krant. (Helaas staat op het knipsel in het museumarchief niet welke krant dat was.) De journalist schreef: ‘Een groot aantal personen bezocht de expositie. Een bewijs dat het culturele leven, waaraan onze gemeente zo arm is, gelukkig niet geheel dood is. De zaal bood een fleurig aanzien en terstond vielen de vele schilderijen van Fortuin op. Veel minder in aantal waren de werken van Ouwenbroek. Hierbij dient echter rekening gehouden te worden dat deze jongeman de schilderkunst in zijn vrije tijd beoefent en nog slechts enkele jaren hieraan arbeidt. Hij legt zich in hoofdzaak toe op het schilderen van portretten en niet iedereen wil z’n portret op een expositie zien prijken’.

De drie exposanten kenden elkaar van de Gemeentelijke Nijverheids Avondschool waar ze les kregen van Johann Oberreiter. Het leslokaal was op de zolder van de Dr. Abraham Kuyperschool (in de volksmond ‘Kuyperbooneschool’) in de Nieuwe Schoolstraat.
Het succes van de expositie in 1947 stimuleerde ook andere kunstenaars in Maassluis. In september van het jaar erop konden de kunstliefhebbers weer naar de gymnastiekzaal. Deelnemers, op de affiche aangeduid als ‘medewerkenden’, waren C.W. Smith, Joh. Oberreiter, H. Fortuin, D. Huisman, J. Smith, J. Kap, J. Ouwenbroek en mej. M.E. v.d. Doll.

Voor de toen 87-jarige Corstiaan Willem Smith was een ‘ere-afdeling’ ingericht. Over hem schrijft de brochure: ‘Iedere rechtgeaarde Maassluizer kent Smith’s verbeeldingen van typische stadsgedeelten. U kunt hem geregeld in zijn atelier aantreffen, steeds bereid tot zijn aardige gesprekken met grappige anekdotes doorspekt. Zijn gehele verschijning spreekt van een ongedoofde levens- en werklust. De heer Smith hoort bij Maassluis, hij is er een deel van.’

Columns

Geplaatst op 17 juni 2019

Jongkind woonde in Maassluis

Geplaatst op 10 mei 2019

Wrakopruiming waterweg

Geplaatst op 15 maart 2019

Echte en onechte wezen

Columns archief...

Maassluis  |  Geplaatst op 12 april 2019

Column

Atelierroute in 1947

Door: Ineke Vink

Zaterdag en zondag kunnen tijdens de Kunstroute Maassluise kunstenaars en gastkunstenaars de resultaten van hun inspiratie en creativiteit laten zien. Dat doen ze in ateliers, winkels, horecagelegenheden en een aantal bijzondere locaties. Verder is er tot eind juni in Museum Maassluis een tentoonstelling van werk van Maassluise kunstenaars van nu, en van lokale kunstenaars die daar al eerder exposeerden.

Tegenwoordig zijn er dus voldoende expositie-mogelijkheden, maar dat was in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog anders. Sinds 1933 kende Maassluis een Oudheidskamer in het oude stadhuis aan de Hoogstraat waarin nu het Nationaal Sleepvaartmuseum is gevestigd. Maar daar hadden ze in die tijd geen interesse in beeldende kunst.

Daarom regelden in 1947 de kunstenaars Henk Fortuin, Jan Ouwenbroek en Maaslander Dirk Huisman zelf dat zij hun schilderijen en tekeningen mochten ophangen in de gymnastiekzaal van de Minister de Visserschool aan de Fenacoliuslaan.

Dat haalde de krant. (Helaas staat op het knipsel in het museumarchief niet welke krant dat was.) De journalist schreef: ‘Een groot aantal personen bezocht de expositie. Een bewijs dat het culturele leven, waaraan onze gemeente zo arm is, gelukkig niet geheel dood is. De zaal bood een fleurig aanzien en terstond vielen de vele schilderijen van Fortuin op. Veel minder in aantal waren de werken van Ouwenbroek. Hierbij dient echter rekening gehouden te worden dat deze jongeman de schilderkunst in zijn vrije tijd beoefent en nog slechts enkele jaren hieraan arbeidt. Hij legt zich in hoofdzaak toe op het schilderen van portretten en niet iedereen wil z’n portret op een expositie zien prijken’.

De drie exposanten kenden elkaar van de Gemeentelijke Nijverheids Avondschool waar ze les kregen van Johann Oberreiter. Het leslokaal was op de zolder van de Dr. Abraham Kuyperschool (in de volksmond ‘Kuyperbooneschool’) in de Nieuwe Schoolstraat.
Het succes van de expositie in 1947 stimuleerde ook andere kunstenaars in Maassluis. In september van het jaar erop konden de kunstliefhebbers weer naar de gymnastiekzaal. Deelnemers, op de affiche aangeduid als ‘medewerkenden’, waren C.W. Smith, Joh. Oberreiter, H. Fortuin, D. Huisman, J. Smith, J. Kap, J. Ouwenbroek en mej. M.E. v.d. Doll.

Voor de toen 87-jarige Corstiaan Willem Smith was een ‘ere-afdeling’ ingericht. Over hem schrijft de brochure: ‘Iedere rechtgeaarde Maassluizer kent Smith’s verbeeldingen van typische stadsgedeelten. U kunt hem geregeld in zijn atelier aantreffen, steeds bereid tot zijn aardige gesprekken met grappige anekdotes doorspekt. Zijn gehele verschijning spreekt van een ongedoofde levens- en werklust. De heer Smith hoort bij Maassluis, hij is er een deel van.’

Maassluis  |  Geplaatst op 12 april 2019

Nieuws

Atelierroute in 1947

Tegenwoordig zijn er dus voldoende expositie-mogelijkheden, maar dat was in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog anders. Sinds 1933 kende Maassluis een Oudheidskamer in het oude stadhuis aan de Hoogstraat waarin nu het Nationaal Sleepvaartmuseum is gevestigd. Maar daar hadden ze in die tijd geen interesse in beeldende kunst.

Daarom regelden in 1947 de kunstenaars Henk Fortuin, Jan Ouwenbroek en Maaslander Dirk Huisman zelf dat zij hun schilderijen en tekeningen mochten ophangen in de gymnastiekzaal van de Minister de Visserschool aan de Fenacoliuslaan.

Dat haalde de krant. (Helaas staat op het knipsel in het museumarchief niet welke krant dat was.) De journalist schreef: ‘Een groot aantal personen bezocht de expositie. Een bewijs dat het culturele leven, waaraan onze gemeente zo arm is, gelukkig niet geheel dood is. De zaal bood een fleurig aanzien en terstond vielen de vele schilderijen van Fortuin op. Veel minder in aantal waren de werken van Ouwenbroek. Hierbij dient echter rekening gehouden te worden dat deze jongeman de schilderkunst in zijn vrije tijd beoefent en nog slechts enkele jaren hieraan arbeidt. Hij legt zich in hoofdzaak toe op het schilderen van portretten en niet iedereen wil z’n portret op een expositie zien prijken’.

De drie exposanten kenden elkaar van de Gemeentelijke Nijverheids Avondschool waar ze les kregen van Johann Oberreiter. Het leslokaal was op de zolder van de Dr. Abraham Kuyperschool (in de volksmond ‘Kuyperbooneschool’) in de Nieuwe Schoolstraat.
Het succes van de expositie in 1947 stimuleerde ook andere kunstenaars in Maassluis. In september van het jaar erop konden de kunstliefhebbers weer naar de gymnastiekzaal. Deelnemers, op de affiche aangeduid als ‘medewerkenden’, waren C.W. Smith, Joh. Oberreiter, H. Fortuin, D. Huisman, J. Smith, J. Kap, J. Ouwenbroek en mej. M.E. v.d. Doll.

Voor de toen 87-jarige Corstiaan Willem Smith was een ‘ere-afdeling’ ingericht. Over hem schrijft de brochure: ‘Iedere rechtgeaarde Maassluizer kent Smith’s verbeeldingen van typische stadsgedeelten. U kunt hem geregeld in zijn atelier aantreffen, steeds bereid tot zijn aardige gesprekken met grappige anekdotes doorspekt. Zijn gehele verschijning spreekt van een ongedoofde levens- en werklust. De heer Smith hoort bij Maassluis, hij is er een deel van.’

Maassluis  |  Geplaatst op 12 april 2019

Nieuws

Atelierroute in 1947

Tegenwoordig zijn er dus voldoende expositie-mogelijkheden, maar dat was in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog anders. Sinds 1933 kende Maassluis een Oudheidskamer in het oude stadhuis aan de Hoogstraat waarin nu het Nationaal Sleepvaartmuseum is gevestigd. Maar daar hadden ze in die tijd geen interesse in beeldende kunst.

Daarom regelden in 1947 de kunstenaars Henk Fortuin, Jan Ouwenbroek en Maaslander Dirk Huisman zelf dat zij hun schilderijen en tekeningen mochten ophangen in de gymnastiekzaal van de Minister de Visserschool aan de Fenacoliuslaan.

Dat haalde de krant. (Helaas staat op het knipsel in het museumarchief niet welke krant dat was.) De journalist schreef: ‘Een groot aantal personen bezocht de expositie. Een bewijs dat het culturele leven, waaraan onze gemeente zo arm is, gelukkig niet geheel dood is. De zaal bood een fleurig aanzien en terstond vielen de vele schilderijen van Fortuin op. Veel minder in aantal waren de werken van Ouwenbroek. Hierbij dient echter rekening gehouden te worden dat deze jongeman de schilderkunst in zijn vrije tijd beoefent en nog slechts enkele jaren hieraan arbeidt. Hij legt zich in hoofdzaak toe op het schilderen van portretten en niet iedereen wil z’n portret op een expositie zien prijken’.

De drie exposanten kenden elkaar van de Gemeentelijke Nijverheids Avondschool waar ze les kregen van Johann Oberreiter. Het leslokaal was op de zolder van de Dr. Abraham Kuyperschool (in de volksmond ‘Kuyperbooneschool’) in de Nieuwe Schoolstraat.
Het succes van de expositie in 1947 stimuleerde ook andere kunstenaars in Maassluis. In september van het jaar erop konden de kunstliefhebbers weer naar de gymnastiekzaal. Deelnemers, op de affiche aangeduid als ‘medewerkenden’, waren C.W. Smith, Joh. Oberreiter, H. Fortuin, D. Huisman, J. Smith, J. Kap, J. Ouwenbroek en mej. M.E. v.d. Doll.

Voor de toen 87-jarige Corstiaan Willem Smith was een ‘ere-afdeling’ ingericht. Over hem schrijft de brochure: ‘Iedere rechtgeaarde Maassluizer kent Smith’s verbeeldingen van typische stadsgedeelten. U kunt hem geregeld in zijn atelier aantreffen, steeds bereid tot zijn aardige gesprekken met grappige anekdotes doorspekt. Zijn gehele verschijning spreekt van een ongedoofde levens- en werklust. De heer Smith hoort bij Maassluis, hij is er een deel van.’